ISVW - Hotel | Internationale School voor Wijsbegeerte

Basisopleiding Religie en Filosofie

Aan het begin van de 21ste eeuw wordt het steeds duidelijker: de religie, in al haar verschijningsvormen, staat weer op onze culturele, maatschappelijke en politieke agenda. Natuurlijk, we leven in een geseculariseerd deel van de wereld, met alle verworvenheden van dien. Maar de oude religieuze tradities, van hindoeïsme tot islam en christendom, eisen nog steeds volop hun plaats op in die seculiere cultuur. Soms verzetten ze zich tegen onze ‘seculiere tijd’, zoals de filosoof Charles Taylor haar noemt, maar vaker vinden ze een heel eigen verbinding met de seculiere werkelijkheid.

Dat maakt onze tijd tot een ingewikkelde tijd, en de maatschappelijke discussie over de betekenis van godsdienst en de rol die ze mag spelen in de samenleving, zijn dan ook heftig. Wat te denken van religieuze kleding, van het ritueel offeren van dieren, van de zondagsrust? Voor- en tegenstanders vinden we zowel in religieuze als seculiere kringen. Hoe hectischer het debat, hoe ingewikkelder de problematiek, des te belangrijker is de bijdrage van filosofen daaraan. Zij kunnen verbanden leggen, nuances aanbrengen, historische verdieping leveren en zo de al te snelle antwoorden onder druk zetten met nieuwe, trage vragen. Daarom komt de ISVW in 2014 voor het eerst met een gedegen basisopleiding Religie en Filosofie, voor iedereen die meer wil weten van hoe er door vernieuwende denkers over religie gedacht werd en wordt, en steviger in de schoenen wil staan bij dit spannende maar ook urgente debat.  

In deze basisopleiding wordt in vijf weekenden het rijke en fascinerende veld van de godsdienstfilosofie gepresenteerd. Daarbij gaan vakkundige uitleg, brede overzichten, grondige detailstudie, en verlevendiging in beeld, muziek en actuele discussie hand in hand.

Het programma van de basisopleiding in vogelvlucht 

De vijf weekenden hebben alle hun eigen thematiek, en kunnen afzonderlijk gevolgd worden. Voor degenen die de hele opleiding volgen, is er tegelijkertijd een duidelijke opbouw aangebracht: een inleidend weekend, twee weekenden waarin basiskennis wordt verworven, en twee weekenden waarin we met een specifiek thema aan de slag gaan.

We beginnen met een weekend over onze tijd, en over het belang van fundamentele reflectie over de plaats van religie in de cultuur. De bekende denkers van de 20ste en 21ste eeuw, van Heidegger en Levinas tot Taylor, verschijnen ten tonele.
In het tweede weekend wijden we ons aan een systematisch overzicht. We oefenen de ‘discipline’ godsdienstfilosofie binnen de wijsbegeerte in, daarbij de diverse deeldisciplines, benaderingen en stromingen behandelend: van de traditie van de ‘godsbewijzen’ via de bestudering van religie als een antropologisch en existentieel fenomeen naar de meer cultuurfilosofische en politiek-filosofische godsdienstfilosofie. Veel voorbeelden van filosofen en theologen worden verkend, zodat we het systematische ‘bouwwerk’ van de godsdienstfilosofie concreter in beeld kunnen krijgen.

            Na het systematische overzicht wijden we ons in het derde weekend aan een historisch overzicht van het denken over godsdienst, van de vroegste teksten over God, mens en wereld tot de 21ste eeuw. We volgen het chronologische verhaal van drie milennia godsdienstwijsbegeerte, en lichten er de belangrijkste namen uit. Ook zullen we aandacht besteden aan de verschillende cultuurgebieden waar het denken over religie opkomt: niet alleen in ons Westen, maar ook in het Oosten en Zuiden.

            In het vierde en vijfde weekend zoomen we in op twee thema’s, opnieuw met veel praktische voorbeelden, beeld en muziek: (1) symbolen (vierde weekend) en (2) rituelen (vijfde weekend). Met de behandeling van deze thema’s begeven we ons in de wereld van de religieuze taal en verbeelding, van de spirituele ervaring, en van religieuze praktijken. Ze spelen in de moderne godsdienstfilosofie al lange tijd een centrale rol. Daarbij zullen we telkens stuiten op drie kernonderscheidingen die in het filosoferen over religie steeds gehanteerd worden: transcendent-immanent, heilig-profaan en ziel-lichaam.

 Literatuur

 We gebruiken voor de basisopleiding Religie en Filosofie twee ‘basisboeken’. Deze worden gedurende de hele cursus gebruikt.

  • L. ten Kate, M. Poorthuis (red.), 25 Eeuwen theologie. Teksten en toelichtingen, Amsterdam: Boom 2013.
    • Dit compendium bevat een chronologie van 100 denkers over religie (theologen maar ook filosofen en andere religiewetenschappers) in kleine, handzame hoofdstukjes, voorzien van een korte inleiding en toelichting en een tekstfragment van de betreffende denker. Een deel van deze tekstfragmenten zullen we telkens op de zaterdagmiddag bestuderen.
  • H. Achterhuis et al. (red.), Denkers over religie. Kritiek, traditie en nieuwe oriëntatie in de 20ste eeuw, Diemen: Veen 2010.
    • Dit overzichtswerk bevat uitvoerige inleidingen in de filosofen en theologen die in de 20ste eeuw aan het onderzoek naar religie hebben bijgedragen. Ook dit boek zullen we gedurende de hele cursus gebruiken als ‘naslagwerk’.
  • Naast deze beide basisboeken zullen we wanneer relevant extra teksten lezen, die door de docent tijdens de cursus zullen worden verspreid.

 Studiebelasting

 We lezen ter voorbereiding door de docent opgegeven hoofdstukken uit de beide basisboeken, en uit de aanvullende literatuur. Totale studiebelasting per weekendvoorbereiding is ong. 16 uur.

NB: ook voor het eerste weekend is ter voorbereiding literatuur opgegeven!

Met deze basisopleiding kan de student een certificaat behalen. Dit is niet verplicht. Om het certificaat te behalen, dient de student de volgende aan de criteria te voldoen:

  • Deelname aan de vijf cursusweekenden.
  • Aantoonbare bestudering van de basisboeken en aanvullende literatuur.
  • Het met goed gevolg uitvoeren van de thuisopdrachten die voor het tweede t/m vijfde weekend worden verstrekt.
  • Het met goed gevolg afleggen van een schriftelijk take hometentamen dat na het laatste cursusweekend wordt meegegeven. De docent voorziet de tentamens schriftelijk van feedback en een beoordeling, voorafgaand aan de examenmiddag. Dit take hometentamen bevat een essayvraag die de student in max. vijf bladzijden mag uitwerken.

 

Tijdens de examenmiddag worden door de studenten de take home essays door de studenten aan elkaar gepresenteerd, waarna uitreiking van de certificaten zal plaatsvinden.

De leerdoelen van de cursus zijn de volgende:

  •  De student verwerft kennis en inzicht in de kernthema’s van de godsdienstfilosofie.
  • De student verwerft een globaal overzicht in de geschiedenis van het denken over religie, van de religieuze verbeelding en praktijken.
  • De student is in staat om verbanden te leggen tussen de opvattingen over religie van verschillende filosofen.
  • De student wordt vaardig in het voeren van het debat over de betekenis en rol van religie in de 21ste-eeuwse samenleving.
  •  

De vijf weekenden hebben telkens een zelfde opbouw:

  • We beginnen met inleidende colleges door de docent op zaterdagmorgen, in twee blokken, onderbroken door een koffiepauze.
  • Van 12.30-14.00 is er de lunch.
  • Op zaterdagmiddag  gaan we in het eerste blok uiteen in kleinere groepjes, om een tekstfragment te lezen aan de hand van een leesopdracht.
  • In het tweede blok van de zaterdagmiddag is er een speciaal visueel en muzikaal college.
  • Van 17.00-20.00: aperitief en diner.
  • De zaterdagavond is er voor het debat. De docent geeft een korte lezing waarin de studenten worden uitgedaagd over een lastige kwestie in relatie tot religie en filosofie na te denken en te discussiëren.
  • Het eerste blok van de zondagmorgen sluit aan op de colleges van de zaterdagmorgen. De docent leidt u verder rond in de godsdienstfilosofie en in het thema van het weekend in het bijzonder, daarbij ingaand op de basisliteratuur.
  • Het tweede blok van de zondagochtend is dan de afronding, in de vorm van een workshop.
    • Gedurende het hele weekend worden de studenten gevraagd om schriftelijk hun vragen en discussiepunten kort te formuleren en aan de docent te geven. Voor zover deze vragen nog niet intussen behandeld zijn, zal de docent in deze workshop de gelegenheid nemen de schriftelijke inbreng van de studenten te bespreken.
  • Van 12.00-12.30 neemt de docent het gemaakte huiswerk en het huiswerk voor het volgende weekend door. Dit geldt uiteraard alleen voor de studenten die de hele opleiding volgen en het certificaat willen behalen.
  • Om 12.30 is er een afsluitende lunch.