ISVW - Hotel | Internationale School voor Wijsbegeerte

Leesgroep Esthetica en Kunstfilosofie
Kant: Kritiek van het esthetische oordeelsvermogen

In kunstrubrieken lezen we waarom een film, een roman of een expositie geslaagd is. Kunstwerken worden niet alleen beschreven, ze worden ook beoordeeld. In die oordelen wordt vaak iets gezegd over wat kunst is of zou moeten zijn. De opvattingen daarover zijn verbonden met fundamentele vragen rondom schoonheid en kunst. Het zijn vragen die een centrale rol spelen in de kernteksten van de esthetische en kunstfilosofische traditie.

Immanuel Kant: Kritiek van het oordeelsvermogen

Immanuel Kant

In deze leesgroep krijgt u de gelegenheid om zich te verdiepen de in het eerste deel van de Kritiek van het oordeelsvermogen van Immanuel Kant (1724 - 1804). Deze Kritiek van het esthetische oordeelsvermogen heeft een belangrijke invloed gehad op de romantiek en de l´art pour l´art beweging. Tevens blijft het werk tot op de dag van vandaag een belangrijk oriëntatiepunt in het denken over schoonheid en kunst.

Kant onderzoekt in dit werk wat de belangrijkste karakteristieken zijn voor de schoonheid in de natuur en de schoonheid in de kunst. Daarnaast komen belangrijke thema´s aan bod zoals de aard van ervaring van het sublieme, de betekenis van de kunstenaar als een scheppend genie en de relatie tussen kunst en moraal. Rode draad in zijn analyse is de gedachte dat de ervaring van schoonheid ontstaat in een vrij spel van de verbeelding en het verstand. Bepaalde vormen in de natuur stimuleren onze verbeelding om beelden te produceren en het verstand om associatieve begripsketenen te produceren. Wanneer dat spel van beelden en begrippen harmonieus verloopt, dan zeggen we dat iets mooi is.

In deze leesgroep maakt u kennis met de opvattingen van Kant over schoonheid en kunst. Welke vragen roepen zijn opvattingen bij ons op, hoe spelen ze een rol in de kunstwerken waarmee we vertrouwd zijn en hoe werken ze door in hedendaagse discussies rondom schoonheid en kunst? Er is geen voorkennis nodig, alleen enthousiasme en de bereidheid om voor elke bijeenkomst een deel te lezen. Het is geen gemakkelijke tekst en de cursus is bedoeld voor deelnemers die de diepte willen opzoeken. Ter ondersteuning van de eigen literatuur krijgt u voor elke bijeenkomst een samenvatting toegestuurd.

Aantal bijeenkomsten: 10

Aantal deelnemers: 15 - 20

 

Opbouw van het programma

1. Kennismaking en algemene inleiding               

Zondag 23 september 2012. Aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur

Wat is de plaats van de Kritiek van het oordeelsvermogen in de kritische filosofie van Kant? Dit werk wordt vaak gezien als een poging om een brug te slaan tussen de Kritiek van de zuiver rede (onderzoek naar de mogelijkheid van zekere kennis) en de Kritiek van de praktische rede (onderzoek naar de juiste principes voor het handelen). U krijgt een algemene inleiding in de drie kritieken, hun onderlinge relatie en de opbouw van de Kritiek van het oordeelsvermogen.  

2. Eerste en tweede moment van het smaakoordeel        

Zondag 21 oktober 2012. aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur

 Kant onderzoekt de belangrijkste karakteristieken van het smaakoordeel dat we uitspreken indien we schoonheid ervaren. Hij vraagt zich af waarin de ervaring van schoonheid verschilt van de ervaring van het aangename en het moreel goede. Hij benadrukt dat er bij het genieten van het aangename (bv. een goed glas rode wijn) en bij het verrichten van moreel juiste handelingen altijd een belang in het spel is. Waar we genieten van een mooi landschap hebben we daarentegen te maken met een gevoel van een belangeloos welbehagen. Een ander kenmerk van de ervaring van schoonheid is dat het zonder begrip, algemeen en subjectief is. (Lezen p. 90 – 109)

3. Derde moment van het smaakoordeel

Zondag 25 november 2012. Aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur

Als we nagaan hoe de waarneming van bv. een mooie roos een esthetische ontroering teweeg brengt, dan is volgens Kant de vorm van deze bloem daar verantwoordelijk voor. Van deze vorm zegt hij dat ze doelmatig is zonder een doel te hebben. Welke vormen van doelmatigheid kunnen we onderscheiden? In de natuur en in het leven van de mens heeft alles een doel. De esthetische doelmatigheid zonder doel heeft haar oorsprong in het vrije spel van verbeelding en verstand. (Lezen p. 109 - 126)

4. Vierde moment van het smaakoordeel

Zondag 16 december 2012. Aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur

Om het smaakoordeel begrijpelijk te maken moeten we veronderstellen dat er een gemeenschappelijke zin, een sensus communis bestaat. Omdat alle mensen een zelfde bewustzijnstructuur hebben beschikken we over een gelijk gevoel voor schoonheid. Kant geeft daarmee de grondslag voor een universalistische opvatting van schoonheid. Tegelijk roept zijn bepaling van de sensus communis de vraag op wat de maatschappelijke en politieke betekenis is van de ervaring van schoonheid. (Lezen p. 126 – 136)

5. De analytica van het verhevene       

Zondag 27 januari 2013. Aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur

Het verhevene of het sublieme is een thema dat een belangrijke rol is gaan spelen in de kunst en literatuur van de romantiek. Kant onderzoekt verschillende vormen (de mathematische en de dynamische) van het sublieme. De ervaring van het sublieme heeft een heel eigen karakter. Ze gaat niet gepaard met een gevoel van belangeloos welbehagen, maar met een gevoel van fascinatie en afschuw. In deze bijeenkomst gaat de aandacht uit naar het mathematische verhevene en haar relatie met het morele bewustzijn. (Lezen p. 136 – 153)

6. De analytica van het verhevene en het reflecterende oordeelsvermogen

Zondag 24 februari 2013. Aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur

We onderzoeken de karakteristieken het dynamische verhevene en gaan na wat de relatie is met het mathematische verhevene. De analyse van Kant eindigt met een algemene opmerking waarin hij nog eens het onderscheid tussen het bepalende en reflecterende oordeelsvermogen bespreekt en nagaat wat dit betekent voor de relatie tussen het sublieme en het moreel goede. (Lezen p. 153 – 173)

7. De deductie van de zuivere esthetische ideeën

Zondag 24 maart 2013. Aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur

Het voorgaande was een ``expositie`` van het schone en het verhevene. Nu volgt een ´´deductie`` van de zuivere esthetische oordelen. Vraag is wat hij hier verstaat onder deductie, waarom zij nodig is en of zij wordt afgebroken omdat zij mislukt? (Lezen p. 173 – 189)

8. Interesse in het schone en de schone kunsten    

Zondag 28 april 2013. Aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur

In de analyse van het eerste moment van het esthetische oordeel werd de belangeloosheid van het welbehagen benadrukt. Nu gaat Kant na hoe vanuit een andere optiek wel sprake kan zijn van een interesse in en een belang bij het schone. Welke vormen van geïnteresseerdheid onderscheidt hij? Vervolgens gaat hij in op het eigen karaker van de schoonheid in de kunst en haar relatie met de schoonheid in de natuur. Tevens introduceert hij zijn opvatting van de kunstenaar als scheppend genie. (Lezen p. 189 – 206)

9. Het genie en de esthetische idee

26 mei 2013. Aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur

Verdere uitwerking van de opvatting van de kunstenaar als scheppend genie. Om een goed kunstwerk te maken moet de maker niet alleen beschikken over een goede smaak, maar tevens over genialiteit. Het genie beschikt over het vermogen om esthetische ideeën present te stellen. Esthetische ideeën zijn voorstellingen van de verbeelding die ons veel te denken geven, zonder dat een bepaalde gedachte adequaat is aan die voorstelling. (Lezen p. 206 – 234)

10. De dialectiek van het esthetische oordeelsvermogen

Zondag 16 juni 2013. Aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur

Kant onderzoekt of het mogelijk is om wel of niet over smaak te twisten. Hij laat zien dat het esthetische oordeel een beroep doet op beide opvattingen en daarom altijd gevangen zit in een tegenspraak. We kunnen daarom geen objectief beginsel van het smaakoordeel aanwijzen.

In het voorgaande bepaalt Kant het schone in zijn onderscheid t.o.v. het aangename en het moreel goede. Het smaakoordeel over het schone is autonoom. Neemt niet weg dat hij aan het eind van zijn onderzoek uitlegt in welk opzicht het schone kan worden opgevat als een symbool van het goede. Wat zegt dit over de relatie tussen esthetiek, kunst en moraal? Vraag is daarbij wat Kant bedoelt met symbool en in welke zin hij in deze paragraaf vooruit grijpt op de thematiek van het teleologische oordeelsvermogen in het 2de deel van de Kritiek van het oordeelsvermogen. (Lezen p. 234 – 257)

Aanmelden

Arrangement 1: € 515,- (10 middagen inclusief koffie/thee en afsluitende borrel)

Arrangement 2. € 567,90,- (10 middagen, koffie/thee en afsluitende borrel + Kants Kritiek van het oordeelsvermogen. (Vert. door Jabik Veenbaas en Willem Visser. Boom, 2009. t.w.v. € 52,90)

Klik hier om u aan te melden:

Aanmelden

In het scherm dat u krijgt te zien, graag uw gegevens invullen en uw cursus en arrangement kiezen.